Smarties

Smarties” is een speciaal programma om (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen te helpen in het goed leren omgaan met hun andere manier van denken, doen en voelen.

Wat zeggen anderen?

In het schooljaar 2016-2017 waren wij op zoek naar een werkwijze om onze (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen verder te helpen in hun ontwikkeling. Wij kwamen in contact met Maaike en haar Smarties training. Haar werkwijze sprak ons aan omdat zij een programma aanbiedt dat zich richt op het creëren van de sociaal emotionele voorwaarde om tot leren te komen. Doormiddel van creatieve opdrachten en/of verhalen laat ze de kinderen kennis maken met o.a. de leerkuil, behoefte achter het gedrag, het cadeautje” NOG” en Makkieland & Lefland.

Maaike is zeer betrokken bij school, ouders en kinderen. De samenwerking tussen school en Maaike hebben wij als zeer prettig ervaren. Maaike gaat mee met de wensen van school en past zich, waar mogelijk, aan. Wij merkten dat onze kinderen graag naar haar lessen toegingen en dat zij deze handvatten gebruikten in de klas. Voor Maaike was het een missie om dezelfde taal te creëren tussen school, ouders en kinderen. Om dit te bereiken heeft ze thematische bijeenkomsten georganiseerd voor leerkrachten en ouders.

Maaike gaf altijd een zeer uitgebreide overdracht van de voortgang van haar lessen aan ouders en school. Hieruit bleek dat zij een warm hart toedraagt aan de kinderen. Maaike is een zeer bijzondere vrouw met enorm veel kennis op het gebied van (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen. Wij hebben als school heel veel tools geleerd om onze leerlingen beter te begeleiden in hun ontwikkeling. Wij raden deze training dan ook zeer zeker aan!

Xandra Pieters en Jessica Pönitz

Harbour Bilingual, Rotterdam

Waarom wordt dit programma aangeboden?

Veel van deze kinderen voelen instinctief dat ze anders zijn alleen begrijpen ze vaak niet waar dit aan ligt. Dit onbegrip kan o.a. leiden tot een ongezond zelfbeeld, onderpresteren, faalangst, ongezond perfectionisme, ongewenst gedrag of in het geheel niet meer naar school willen.

Tijdens de les worden ze vaak niet genoeg of verkeerd uitgedaagd. Deze kinderen leren structureel anders maar zijn zich daarvan niet bewust. Er wordt vaak gedacht dat deze kinderen geholpen zijn met extra werk. Soms wordt echter het goed bedoelde extra werk als strafwerk ervaren waardoor het kind nog meer tegenzin ontwikkelt in het naar school gaan. Vaak hebben hoogbegaafde kinderen door voortduren werk onder hun niveau te krijgen eigenlijk afgeleerd dat ze moeite hoeven doen om iets te lere. Ze leren het niet alleen af om moeite te doen maar ook om zich te concentreren op iets wat lastig is en om door te zetten. Door een voortdurend te laag niveau, leren ze af strategieën te zoeken en hun eigen talenten te herkennen. Deze zijn echter plots wèl nodig als het werkniveau of het tempo opgeschroefd wordt. Vaak lopen deze kinderen dan heel plots vast en komt en verzet in plaats van motivatie. De kinderen gaan vervolgens al hun talenten inzetten om problemen te omzeilen in plaats van ze op te lossen waardoor er hiaten gaan ontstaan en de angst voor falen toeneemt.

Voor welke kinderen is dit programma?

Dit programma is speciaal voor (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen in de onderbouw die moeite hebben met een of meerdere van onderstaande kenmerken:

fouten maken / onderpresteren / ongezond perfectionistisch zijn / zich anders of alleen voelen / zich thuis heel anders gedragen dan op school / zich niet of moeilijk kunnen concentreren / erg gevoelig zijn / moeite hebben met omgang met andere kinderen.

Wat komt er aan bod?

  • Wat betekent dat nou, slim zijn?
  • Behoefte achter het gedrag
  • Faalangst
  • Mindset
  • Overtuigingen
  • Emoties
  • Denken, doen en voelen
  • Perfectionisme
  • Anders denken en anders leren
  • Wat is talent, inzet, strategie en resultaat?
  • Dagdromen
  • Ben ik dom als ik om hulp vraag?
  • Piekeren
  • Makkieland en Lefland
  • Doorzetten of opgeven
  • Aanpassingsgedrag en jezelf zijn
  • Omgang met andere kinderen

Hoe is het programma ingericht?

Bij Smarties worden verhalen voorgelezen, gepraat, gefantaseerd en verscheidene oefeningen gedaan. Hierdoor wordt het delen en bespreken van waar ze tegen aanlopen veel makkelijker voor de kinderen. Ze kunnen verbanden zien tussen hun eigen situatie, die van het verhaal en die van elkaar. Ze leren dat ze niet de enige zijn die met bepaalde aspecten worstelen. Ze leren gedrag te begrijpen, te herkennen en dit bij te sturen. Vaste ‘mindsets’ maken plaats voor ‘groei mindsets’.

Maaike leert deze kinderen zien waar ze nu staan, waar ze in de toekomst willen staan en hoe ze daar in hoeveel stappen kunnen komen.

De kinderen bedenken samen met elkaar de groepsregels waar iedereen zich aan moet houden zodat iedereen zich veilig kan voelen binnen deze groep. Hierna gaan ze aan de slag met opdrachten creatieve en praktische opdrachten afgewisseld met luisteropdrachten. Bij de creatieve opdrachten tekenen of knutselen de kinderen. Bij de praktische opdrachten doen ze lichamelijkeoefeningen, bijvoorbeeld oefeningen om prikkels te verwerken. Bij de luisteropdrachten worden verhalen voorgelezen waarin deze kinderen zichzelf kunnen herkennen. Hierdoor wordt hun zelfvertrouwen stukje bij beetje versterkt. 

We praten veel met elkaar. Dit wordt door de kinderen meestal als bevrijdend, leuk maar soms ook als niet leuk ervaren, afhankelijk van het onderwerp. Soms kan het voorkomen dat kinderen het moeilijk of eng vinden om bv over hun emoties of over met maken van fouten te praten. De kinderen wordt niets verplicht te doen wat ze niet willen of echt niet durven. Wel probeert Maaike ze stapje voor stapje uit te dagen om te groeien.

De groep bestaat uit  maximaal 8 kinderen, zodat er ruime tijd en aandacht is voor het individuele kind.

Het basis programma bestaat uit 15 basis lessen van een uur. Het is ook mogelijk om uit een lijst onderwerpen te kiezen waarmee gewerkt kan worden. Denk hierbij aan onderwerpen als: anders leren, piekeren en negatief denken, identiteit, pesten, grenzen aangeven, overtuigingen, faalangst, emotieregulatie, frustratietolerantie, gedrag, behoefte achter het gedrag